Jongeren een stem geven, dat is mijn doel!

28 februari 2016

marcoeestermansAls pabostudent heeft Marco Eestermans (22) een enorme passie voor het onderwijs en ziet hij onderwijs als de sleutel naar voorruitgang. Hij probeert daarom, naast zijn studie, als fractievolger van de lokale PvdA in Goes zijn stem te laten horen. Daarbij draait het vooral om de stem van de jongeren.

Afgelopen week werd ik benaderd door een oude bekende en journalist in opleiding Michael. Voor een schoolopdracht was hij op zoek naar jongeren met een doel. Door mijn opleiding tot leraar basisonderwijs en mijn rol als fractievolger in de Goese politiek was ik een geschikte kandidaat. Gevolg: een driekwart uur durend interview en een goed stuk over mijn beweegredenen om de politiek in te gaan. Juist daarom wil ik dit interview jullie niet onthouden en graag met jullie delen. Michael, bedankt voor je interesse en de tijd die je erin hebt gestoken!

Mocht je naar aanleiding van dit interview of om welke reden dan ook contact met me willen opnemen dan kan dat altijd via marco.eestermans@outlook.com of via Twitter: MarcoE_93.

Door: Michael Kunst

Waarom vind je juist de stem van de jongeren zo belangrijk?

“Zij verdienen vanzelfsprekend een stem in de gemeente, zeker hier in Goes. Het is bekend dat dit een krimpregio is dus dan moet daar minstens een goed beleid op worden afgesteld. In dat beleid zou moeten staan hoe je het aantrekkelijk maakt voor jongeren, hoe men de verbinding naar de Hogeschool Zeeland optimaal kan maken en hoe Goes dé mbo-stad van Zeeland kan worden, zodat we jongeren langer in de provincie kunnen houden.

Hoe probeer jij jongeren daadwerkelijk een stem binnen de gemeente te geven?

“Wat je ziet als je de gemeenteraad binnen stapt zijn vooral oude mannen. Ik vind dat jongeren daar ook een stem tussen verdienen. Zeker in een tijd waarin jongeren steeds minder politiek actief worden is dat heel belangrijk. Vroeger hoorde je bij een bepaalde zuil. Dat is nu compleet anders. Heel veel jongeren zijn niet meer betrokken bij de politiek. Daar wil ik een voorlichtingsrol in spelen.”

Je spreekt over ‘een voorlichtingsrol’, maar hoe ga je jongeren weer betrekken bij de politiek?

“Ja, een voorlichtingsrol door met ze te overleggen over wat hun wensen zijn en wat de mogelijkheden zijn. Stap naar de jeugd toe als je een pleintje opnieuw wil inrichten. Vraag ze wat zij hier het liefst zien. Politiek is nou eenmaal saai. Kijk alleen al naar alle stukken die we moeten lezen. Tegenwoordig kijkt de jeugd op de smartphone en het kortste bericht leest ze. Je moet dus met ze praten en de ideeën aanhoren. Onlangs kwam een groep jongeren met het idee een Cruyff Court aan te leggen. De gemeente stemde hier mee in maar betaalt maar een klein deel. Met een crowdfundingsactie probeert deze groep nu de rest bij elkaar te krijgen.

 Je bent fractievolger en dat betekent dat je, op stemrecht na, dezelfde rechten hebt als een raadslid. Hoe zit dat precies?

“De fractievolgers zijn er vooral om de raadsleden te ondersteunen. Dat zie je vooral in gemeentes waar veel kleine fracties zijn. Het gebeurt wel eens dat vergaderingen parallel aan elkaar lopen. Als fractievolger kun je dan naar een van die vergaderingen gaan om de raadsleden te ontlasten. Ik mag ook gewoon meedenken en vragen stellen binnen de raad. Het is eigenlijk bijzonder dat ik deze functie heb. Normaal gesproken moet je daarvoor op de kieslijst hebben gestaan. Ik werd daags na de verkiezingen lid van de PvdA en heb dus niet op de lijst gestaan. De PvdA-fractie heeft toen in de raad een voorstel gedaan om iedere partij een fractievolger te laten aanstellen, ook als diegene niet op de kieslijst staat. Het verschil met een raadslid is dat hij volksvertegenwoordiger is en door het volk gekozen is. Bij de volgende verkiezingen hoop ik wel op de lijst te staan hoor. ”

De ‘minder-Marokkanenuitspraak’ van Geert Wilders kwam landelijk in het nieuws en het was voor jou de reden om de politiek in te gaan. Welke rol speelt het onderwijs volgens jou bij deze uitspraak?

“Ik vind dat je als leraar de plicht hebt om over zoiets te praten met je leerlingen. Dat zou ik doen door eerst eens aan de klas te vragen wat vrijheid van meningsuiting eigenlijk is. Hoe ver kun je daarin gaan? Maar ook direct op die uitspraak ingaan en vragen wat de verschillen tussen Marokkanen en Nederlanders zijn. Daar spelen scholen een belangrijke rol in. Scholen waar alleen allochtone of autochtone kinderen zitten stralen uit dat iemand met een andere achtergrond niet welkom is. Dat is geen goede start voor kinderen van die leeftijd.”

Waarom is de samenstelling van een school belangrijk dan?

“Nou ja… De klas is als het ware ook een minimaatschappij, een samenleving. Er zijn verschillen in prestaties in de klas, er zijn kinderen met aandoeningen. Juist door die gemengde klassen leren de leerlingen daar later in de grote maatschappij mee om te kunnen te gaan.”

Houden kinderen in groep 7 en 8 zich daar al mee bezig?

“Ja zeker wel. Je merkt dat ze op een leeftijd komen waarop ze zich willen laten horen en mee willen praten. Ik probeer ze aan te leren dat je dan wel met goede argumenten moet komen. Ik merk dat mijn leerlingen dat heel leuk vinden en daar actief aan mee doen.”

Stel, jij bent wethouder in Goes en verantwoordelijk voor jongeren en onderwijs. Wat zou je als eerste veranderen?

“Zorgen dat Goes daadwerkelijk de mbo-stad van Zeeland wordt door te zorgen voor een goede bereikbaarheid. Daarnaast zou ik om de tafel gaan met ondernemers om de mogelijkheden voor meer stageplaatsen te bekijken. Als ondernemers daarin meegaan, kunnen we meer werkgelegenheid creëren. Dat is belangrijk om de jeugd hier te houden. Als laatste, en dat klinkt misschien heel simpel, zou ik willen zorgen voor meer plezier. Zorgen dat jongeren hier graag komen. Dat gebeurt nu bijvoorbeeld met een concert zoals Racoon & Friends. Het punt is dat dat op een zondag plaatsvindt. In Zeeland is die zondag een punt van discussie omdat de christelijke partijen de zondag liever met rust laten. Die partijen hebben daar heel veel invloed op.”

Ben jij over dertig jaar minister van Onderwijs of ben je dan al drie keer tot beste leraar van Nederland uitgeroepen?

“Tja, financieel technisch gezien is minister wel aardig haha. Nee… Daar zijn wel bijzondere kwaliteiten voor nodig denk ik. Daar kom je achter door te ervaren en gewoon te doen. Dat doe ik op dit moment in de lokale politiek. Dat vind ik leuk om te doen en dat zal ik de komende jaren ook blijven doen. Waar dat tot leidt? Dat weet ik niet. Maar het lijkt mij wel heel gaaf om dat te bereiken. Weet je wat? Laat ik als ambitie hebben dat ik op mijn veertigste minister van Onderwijs ben en daarvoor drie keer ben uitgeroepen tot leraar van het jaar!”